woensdag, augustus 06, 2008

Tegengestelde richting

Sporen in Puglia (1)

Mijn wekker loopt om kwart over zes af. Mijn inwendige wekker, want ik heb vakantie en volg het ritme dat m'n lichaam aangeeft. M'n eigen ritme volgen, het is een vrijheid die ik als een van de grootste voordelen zie van een vakantie. Kwart over zes is vroeg, een nawee is van het "gewone" doordeweekse ritme waarbij het klokje op mijn nachtkastje om zes uur opgewonden begint te piepen. Ik weet dat ik na verloop van enkele dagen rond dit tijdstip de binnenkant van mijn oogleden nog zal liggen te bestuderen, maar als ik daarna uitgerust naast mijn bed sta zal het niet later zijn dan zeven uur. En dat blijft zo. Carpe diem, pluk de dag.

Er zijn mensen die al naast hun bed staan voordat ze hun ogen open hebben. Bij mij duurt het altijd even. Langzaam wijken de wolken waarin m'n slaap gehuld is, of soms nog moeizamer is het alsof ik een keldertrap beklim. Aan het eind de morgen, die ik kalm begroet. Boven me het wonderlijke dak van de trullo. De honden merken waarschijnlijk aan mijn ademhaling dat ik wakker ben, want een natte neus port in m'n rug. Rechts van me kijkt Oronzo me opgewekt aan, zijn voorpoten op de rand van het bed. Achter hem staat Cicia, veel ouder al, luid geeuwend en nog wat slaapdronken op de poten, maar ook zij klaar om de dag te beginnen. Links van me, Lief. Ze slaapt nog, en haar rustige ademhaling is één met de geluiden van de morgen die vanachter de vensterluiken het halfdonker van de slaapkamer binnendringen. Ik glij uit m'n bed en voel de aangename koelte van de tegels onder m'n voeten. Op de voet gevolgd door twee enthousiaste viervoeters strompel ik wat stijfjes naar de buitendeur, die na de twee draaien van de sleutel met een ijzeren klik uit het slot springt. De zware deur zwaait open en Oronzo en Cicia schieten langs m'n benen naar buiten. Ik zet de deur vast aan de haak in de muur, rek me uit. Voor me trekt de achterkant van de nacht naar het westen, een frisheid achterlatend die de bloemen op het terras hun kelkjes uitnodigend doet openen. De bijen en wat vlinders zijn al druk in de weer en doen zich tegoed aan rozerood, leliewit, fuchsiaroze. Hoog daarboven een hemel van blauw. Dit is m'n paradijsje.



Ik open de luiken, behalve die van de slaapkamer. Door het open raam van de badkamer werpt de zon haar eerste lange zacht-oranje stralen naar binnen. Een overrijpe abrikoos ligt onder het boompje vlak bij het raam. Tientallen mieren doen zich tegoed aan het onverwachte vroege ontbijt en nemen de restjes op hun rug mee naar huis. Vogels fluiten en in stilte probeer ik te tellen hoeveel verschillende soorten ik kan onerscheiden. Een bij zoemt voorbij en houdt verbaasd even halt voor het open raam. ,,Wie is die lelijke blote vent daar voor het raam?'' Mopperend verdwijnt ze achter de badhanddoeken, die inmiddels droog aan de waslijn op de kustlijn hangen te wachten.


Ik zet het ontbijt klaar voor straks. Drinkyoghurt, sinaasappelsap, brood, boter, jam, en "boccanotti", een soort cakejes met een amandelvulling en jam. Het is iets typisch uit deze streek, en de beste koop je bij bakkerij "La Spiga d'Oro", vlakbij L'Assunta. Met de cappuccino wacht ik. Nog een half uurtje of een uur. Dan is ook Lief wakker.

Met een glaasje jus en een boek ga ik naar buiten. Ik zet een van de ligstoelen op de hoek van het terras, daar waar 's morgens een briesje de laatste nevelen vantussen de oren blaast en de zon vrij spel heeft. Het schijnt dat dit het ideale tijdstip van de dag is om te schrijven, maar ik heb opzettelijk mijn laptop niet meegenomen. Dus ik denk en krabbel slechts als houvast voor later af en toe een vluchtige regel in een schrift dat nog wel een plaatsje in mijn reistas heeft weten te bemachtigen.
Of ik lees. Want ik heb tijd. Heerlijk. Ik ben deze vakantie met vier boeken van thuis vertrokken. In het Italiaans, wat me over het algemeen wat meer tijd kost maar ook meer voldoening geeft. "Opposta direzione" ("Tegengestelde richting") is er een van. Het is de eerste roman van Stefano Giordano, een leraar uit Trento die ik persoonlijk ken. Een paar maanden geleden ben ik samen met mijn vriend Giorgio naar de presentatie van het boek geweest, en eindelijk kom ik nu dan toch aan toe.



"Opposta direzione" is het verhaal van Lorenzo, die - pas afgestudeerd aan de universiteit van Bologna - in de zomer van '83 door ex-studiegenote Anna wordt uitgenodigd om op vakantie te gaan in Corsica. Lorenzo accepteert, maar heeft eigenlijk overal wel wat op aan te merken. De Corsicanen, de buitenlandse toeristen, het eten, het transport, alles. Zo blijkt Lorenzo te zijn, want terugkijkend op zijn studententijd gaat de litanie onveranderd verder: de bureaucratie, de kwaliteit van de professoren, de feesten. Allemaal één pot nat, met Lorenzo als triest middelpunt. Hij wil overal bijhoren, maar zet zich tegelijkertijd sterk af van alles wat de omgang van een groep begint te krijgen.

Anna's zusje Carla, veel jonger als de andere twee, is de andere reisgenote. Lorenzo voelt wel voor een relatie, maar dat is bij voorbaat een verloren strijd. Carla heeft immers een relatie en het relatieverschil wordt door Lorenzo onoverbrugbaar bevonden. In werkelijkheid loopt hij eenvoudig een blauwtje en zijn zijn gedachten meer bij een eerdere stukgelopen relatie dan bij het hier en het nu.

Op de omslag van "Opposte direzione" werd een verwijzing gemaakt naar de verschillen van twee generaties. De ideologische generatie '68 en de individualistische generatie jaren '80. De hoofdpersoon heeft geen van de twee bewegingen werkelijk van binnenuit meegemaakt, net zomin als de schrijver. Verrassend is dat hier in de roman zelf bijna niet op wordt terug gekomen. Stefano Giordano blijft helaas rondzwemmen in de draaikolk van zelfmedelij die zijn hoofdpersoon Lorenzo voor zichzelf geschapen heeft. Of voor de schrijver, want het schijnt dat het boek redelijk wat autobiografische elementen bevat.

Ik klap mijn boek dicht, heb geen zin om direct een ander te beginnen. Ik houd daar niet van, geef liever het gelezene een beetje tijd om te bezakken, een plaatsje te vinden op een van mijn innerlijke boekenplanken.

Ik sta op en fluit om te weten waar de honden uithangen. Cicia komt meteen de hoek omrennen, maar Oronzo laat langer op zich wachten. Later hoor ik bij buurman Luigi dat Oronzo 's morgens steevast een paar honderd meter van huis te vinden was. Hofmakerij en ondertussen een "vorkje meeprikken" op het erf van ene Pugliëse schoonheid. Een kwartiertje en dan voldaan naar huis. We gaan een blokje om. Onze "trulli" op een heuvel die zo'n 400 meter boven Fasano uitsteekt, en ik hou ervan om 's morgens vroeg naar de rand van ons terrein te lopen vanwaar je over de vlakte tot aan de zee uitkijkt. Direkt aan de voet van de heuvel dus Fasano, met haar beroemde Zoo Safari, een van de grootste dierentuinen van Europa. Maar ik ben geen dierentuinliefhebber, dus ik ben nog nooit in de Zoo Safari geweest. Ik vind het op zich zelfs wel prettig dat we het park niet kunnen zien vanaf hier.
Vanaf Fasano lopen de wegen als witte krijtstrepen over de ongeveer vijf kilometer brede vlakte. Zover het oog rijkt olijfbomen, als een groene zee tot aan de kustlijn. En op de kustlijn Capitolo, in het verlengde van Fasano. Wat meer naar rechts zie ik de vuurtoren van Torre Canne. En nog wat verder naar het zuiden, meer landinwaarts, Ostuni, de witte stad. En over de kustlijn de zee, de echte. Vanaf mijn uitzichtspunt kun je al een beetje bepalen of het de moeite loont om straks naar het strand te gaan. Want als er teveel wind staat zie je heel vaag en klein, maar onmiskenbaar de koppen op het water. En dan kun je net zogoed thuisblijven. Vandaag zie ik ver onder me slechts een spiegel, de zee is "mareolo" zoals Lief en haar zus dat in hun taaltje zeggen.

We draaien ons om en gaan terug, de honden iets voor me, of iets achter me, maar steeds in de buurt. Ze houden van deze rondjes. Door de bosjes, waar elke boom zijn eigen verhaal heeft. Er staan ook wat fruitbomen. Langs de groentetuin van Peppino, de zoon van Nenette, en terug naar de groep huisjes. Nenette hoort hier, maar dit jaar is ze er niet. Ze sukkelt met haar gezondheid en verkiest haar huisje in het hete Fasano boven de kleine "trullo" in Selva. Ook Peppino kan er niet bij. ,,Dan gaat ze de rozenkrans bidden met haar vriendinnen'', zegt hij hoofdschuddend. Ook de luiken van de trullo naast het kleine kerkje zijn hermetisch afgesloten. Hier brengt normaal gesproken zia (tante) Pia de zomer door, met haar dochter Maria-Cristina, maar ook zij zit in de lappenmand. Luigi en Maria zijn de laatsten. Ze wonen hier niet alleen 's zomers maar ook 's winters.Het is niet eenvoudig hier het hele jaar te wonen, want de winters zijn koud en er zijn weinig anderen die niet terugkeren naar het lage Fasano na de zomer. Ook werk is moeilijk te vinden in Puglia. En wie hier ziek wordt weet niet hoe snel hij naar het noorden van Italië moet komen om enige kans op een goede behandeling te krijgen. Dat kost geld, en bovendien worden patiënten uit het zuiden niet altijd met open armen ontvangen in het rijke noorden.En toch...

Als ik terugkom op ons terras komt de geur van verse koffie me tegemoet. Lief is wakker en mijn cappuccino is bijna klaar. Ik haal de badhanddoeken van de waslijn en ga naar binnen.
,,Mare mareolo'', zeg ik. ,,Buongiorno.''

5 opmerkingen:

Liesbeth zei

Wat een heerlijk verhaal. Ik voel helemaal de vakantiesfeer, niets hoeven, lekker rustig.
Puglia staat al een hele tijd op mijn verlanglijstje, ik hoop dat het er snel van komt dat ik die regio mag gaan ontdekken.

Ageeth zei

Dit zijn van die momenten in je leven waarvan je zou willen dat iedereen erbij kon zijn ...zonder je lastig te vallen. Gewoon om het te delen, en dat heb je gedaan.
Heerlijk leventje!

Paula di Paola zei

Ik heb met genoegen gelezen wat je schreef.De mensen zouden veel meer moeten leren, om van deze mooie dingen te kunnen genieten!

Napw zei

Ron, je schrijft fantastische.
Ik zie het voor me. Het uitzicht. De rust. De kopjes van de zee. En dan langzaam beslissen.
Mare mareola. Ok we gaan....
Dat is vakantie!

Ron zei

@Liesbeth.
Heb jij ook zo'n verlanglijstje. Ik weet niet, bij mij staat er zoveel op in Italië, ik heb aan één leven niet genoeg.

@Ageeth.
De mooiste momenten zijn er om te delen.

@Paula.
Helaas vergeten we dat laatste nogal eens, Paula. Simpel genieten.

@Napw.
Iedereen zou er een beetje van moeten mee kunnen nemen voor de rest van het jaar, hè?